BURNOUT  

Inhoud:

bulletTest
bullet

Inleiding

bullet

Wat is burnout?

bullet

Klachtenprofiel

bullet

Model burnout

bullet

Persoonlijke aspecten

bullet

Stresstest

bullet

Biografische factoren

bullet

Werkgerelateerde aspecten

bullet

Gevolgen stress/burnout

bullet

Doorbreken burnout

bullet

Specifieke interventies voor preventie, herstel en rentegratie

bullet

10 tips

 

 

Test     naar boven

Ben ik burnout?

Instructie: neem de afgelopen zes maanden in gedachten, je werk en je priv-leven. Lees de volgende items door en scoor hoe vaak het symptoom op jou van toepassing is. Wanneer je klaar bent, tel dan de scores op.

Beoordelingsschaal (invullen):

1 = nooit of zelden, 2 = soms waar, 3 = in de helft van de gevallen waar,
4 = vaak waar, 5 = bijna altijd waar

1 

Ik voel me moe, ook al heb ik voldoende slaap gehad.

2 

Ik ben ontevreden met mijn werk.

3 

Ik voel me bedroefd zonder dat daar echt een reden voor is.

4 

Ik ben vergeetachtig.

5 

Ik ben gerriteerd en val uit tegen mensen.

6 

Ik vermijd mensen op het werk en in mijn priv-leven.

7 

Ik heb slaapproblemen, omdat ik me zorgen maak over mijn werk.

8 

Ik ben vaker ziek dan vroeger.

9 

Mijn houding ten opzichte van mijn werk is Waar zou ik me druk om maken? Ik sta er wat onverschillig tegenover.

10 

Ik raak vaker betrokken in conflicten.

11 

Het werk lijdt hieronder.

12  Ik gebruik meer alcohol, drugs of kalmerende middelen om mij beter te voelen.
13 

Met andere mensen communiceren is een bron van spanning.

14 

Ik kan me niet meer concentreren op mijn werk zoals voorheen.

15  Het werk verveelt me.
16  Ik werk hard, maar bereik weinig.
17  Ik voel me gefrustreerd in mijn werk.
18  Ik zie er tegenop naar het werk te gaan.
19  Sociale activiteiten putten me uit.
20  Seks vraagt te veel energie.
21  In mijn vrije tijd kijk ik voornamelijk TV.
22  Ik heb weinig om me op te verheugen in mijn werk.
23  Ik pieker over het werk in mijn vrije tijd.
24  Mijn gevoelens over mijn werk zitten mij dwars in mijn persoonlijk leven.
25  Mijn werk lijkt zinloos.
Totaal 
Score 25-50 Je doet het goed, maar let op de items waarop je score hoger is.
51-75 Tref preventieve maatregelen.
76-100 Je loopt het risico burnout te raken, of als je het geweest bent: je bent nog niet hersteld.
101-125 Je bent burnout aan het raken

(uit: Omgaan met burnout C. Karsten. Elmar 1999)

 

Inleiding     naar boven

Hoe herken je het fenomeen burnout. Het niet tijdig zelf erkennen van een mogelijk probleem is het grootste gevaar van de ontwikkeling van een overmatige stress situatie naar een burnout. Het tijdig herkennen van een langdurige overmatige stress situatie is dus essentieel omdat, door het weghalen van de stressfactoren, andere inzichten en aanpassing van je gedrag, een mogelijke burnout situatie voorkomen kan worden.

Extra probleem hierbij is de soms glijdende overgang van:

bullet

spanning: incidentele verstoring van het evenwicht belasting en belastbaarheid (positief)

bullet

stress: permanente verstoring evenwicht, maar herstel bij wegnemen oorzaak (negatief)

bullet

burnout: geen spontaan herstel.

 

De volgende symptomen van het lijden onder stress zijn te beschouwen als vroegtijdige waarschuwingssignalen (Krimpen 1989):  

bullet

Concentratieproblemen; lezen gaat steeds moeilijker omdat men de tekst niet kan onthouden en deze niet echt meer opgenomen wordt.  

bullet

Toename van vergeetachtigheid; het maken van notities wordt noodzakelijk.  

bullet

Emotionaliteit; b.v. snel ontroerd, driftig, blij of teleurgesteld zijn. Dus grote schommelingen in stemming.  

bullet

Besluiteloosheid; het wordt moeilijk om hoofd- van bijzaken te onderscheiden.  

bullet

Slaapproblemen; je hebt inslaap- en/of doorslaap problemen of je wordt regelmatig badend in het zweet en angstig wakker.  

bullet

Meer fouten maken; doorgaans zul je meer uren werken om het werk af te krijgen, kans op het maken van fouten wordt hierdoor steeds groter.  

bullet

Lusteloosheid; je kunt jezelf steeds minder tot handelen aanzetten. Geen zin en energie meer om 's morgens naar het werk te gaan. 

bullet

Cynisme; afzetten en onverschilligheid naar je werk en in de priv situatie.

bullet

Toenemende onzekerheid; je gaat je steeds meer minderwaardig voelen.

bullet

Seksuele problemen; geen zin en/of impotentie.

Enkele andere psychische en/of lichamelijke klachten, vanuit het perspectief dat stress merkbaar is in het gedrag, zijn: 

bullet

Veranderingen in het gedrag; in energie, in sociaal opzicht en in openheid. 

bullet

Veranderingen in de manier van praten; in tempo, samenhang en in overtreffende trap 

bullet

Versmalling; storten in de diepte en beperking in de breedte, je stort je nog meer op je taak en vergeet hierdoor aandacht te geven aan andere zaken (sociale contacten, hobbys etc.). 

bullet

Verminderde lichamelijke conditie; snel moe zijn, vaak verkouden en grieperig of hoofdpijn. 

bullet

Vermeerdering aantal werkuren; nog meer tijd besteden aan je werk om de opgelopen achterstand door disfunctioneren in te halen.

Indien bovenstaande signalen en klachten herkenbaar zijn, neem dan enige afstand van de stressfactor(en) en bedenk of je deze situatie wilt voort zetten en of je het er voor over hebt en door wilt gaan op deze destructieve manier. Een gesprek met je partner, manager, de huisarts of de bedrijfsarts kan hierbij zeer zinvol zijn. 
Luister goed naar je eigen gevoel, de omgeving en ga diep nadenken over de signalen vanuit je omgeving en maak dan bewuste goede keuzes voor jezelf. Maak jezelf sterker door anders om te gaan met stress. 

Wat is burnout?   naar boven   

Emotionele uitputting, ongewone vermoeidheid, een cynische of afstandelijke werkhouding en het gevoel minder competent te zijn.


Klachtenprofiel    
naar boven

1. Gedrag

bullet

hyperactiviteit

bullet

neiging tot agressief en gewelddadig gedrag

bullet

veel consumptie van koffie, tabak, alcohol, drugs

bullet

te veel of te weinig eten

bullet

accident prone (sneller dan anders of anderen last hebben van kleine ongelukken)

bullet

gevaarlijke hobbys zoals deltavliegen of exotische vakanties (op zoek naar steeds meer prikkels)

bullet

terugtrekken

bullet

cynische opmerkingen maken

bullet

slaapproblemen

2. Gevoel

bullet

irritatie

bullet

gevoelens van frustratie

bullet

woede en wrok

bullet

onberedeneerde angsten

bullet

achterdocht

bullet

hopeloosheid

bullet

hulpeloosheid

bullet

machteloosheid

3. Waarneming van het lichaam

bullet

hoofdpijn

bullet

misselijkheid

bullet

pijnlijke spieren

bullet

slaapproblemen

bullet

duizelingen

bullet

verhoogde arousal (op scherp staan)

bullet

rusteloosheid

bullet

nerveuze tics

bullet

vermoeidheid

4. Gedachten

bullet

dagdromen en fantaseren, ontsnappen aan de werkelijkheid

bullet

angstgedachten, bijvoorbeeld: ik kan me niet meer concentreren; ik kan geen beslissingen meer nemen; ik kan niets meer onthouden; er komt niets meer uit mijn handen; wat ik ook doe, het haalt niets uit, het komt nooit meer goed

bullet

negatieve gedachten over zichzelf: ik ben waardeloos, ik deug niet, ik kan niets, ik ben een wrak

bullet

achterdochtige gedachten zoals: achter mijn rug om wordt alles besloten, ze zagen de poten onder mijn stoel vandaan

bullet

agressieve gedachten zoals: ik word uitgebuit door mijn werkgever, ik haat mijn werk, ze kunnen me de boom in

bullet

zelfopofferinggedachten: ik offer me wel weer op als niemand hier zich verantwoordelijk voelt voor het werk

bullet

perfectionistische gedachten: ik kan het verslag pas inleveren als ik zeker weet dat er geen fout in staat. Als ik een fout maak is het helemaal mis, deug ik niet, word ik ontslagen.

5. Beelden

bullet

ik zak als een mislukte gelatinepudding in elkaar, mijn lichaam voelt als lood, ik zit als een zoutzak op de bank, ik beland in de goot, ik ben altijd de pispaal

6. Interpersoonlijke relatie

bullet

conflicten op het werk en met de partner of andere leden uit het gezin

bullet

terugtrekking uit sociale activiteiten

bullet

verminderde belangstelling voor de omgeving

7. Fysieke toestand

bullet

maagzweren, darmverstoppingen

bullet

verhoogde arousal

bullet

versnelde hartslag of ademhaling, hyperventilatie, menstruatie- en potentiestoornissen

bullet

chronisch gevoel van uitputting

bullet

verhoogd cholesterolgehalte

bullet

verhoogde bloeddruk

bullet

hoofd-, nek- en rugklachten

bullet

huidaandoeningen zoals eczeem


Model burnout - MMT    naar boven 

Cirkel I         cognitieve cirkel, leidend tot frustratie, verdriet en boosheid

Cirkel II        somatische cirkel, leidend tot stressklachten

Cirkel III       interpersoonlijke verliescirkel leidend tot sociaal isolement

Cirkel IV       kortetermijnwinst, spanningsvermindering, op den duur leidend tot negatief zelfbeeld (een negatieve innerlijke waarneming)

Cirkel V        kortetermijnwinst, interpersoonlijk, door bijvoorbeeld aandacht vanuit de organisatie, op den duur leidend tot negatieve waarneming van situatie (de organisatie doet nooit genoeg)


Persoonlijke aspecten      naar boven

Stresstest: Persoonlijkheid en werk

Uw eigenschappen en vaardigheden kunnen een belemmering of juist een bescherming vormen voor uw functioneren. Hoe zit u in uw werk? Dat wil zeggen: hoe is uw houding tegenover uw taken en uw collegas? Bent u een betrokken persoon? Hoe belangrijk is presteren voor u? Deze en andere items vindt u hieronder.

Antwoordmogelijkheden: juist, onjuist

  1. Ik heb over het algemeen het gevoel, dat ik mijn werkzaamheden onder controle heb.

  2. Binnen de mogelijkheden van de organisatie, waar ik werk, heb ik het gevoel, mijn ambities te kunnen realiseren.

  3. Ik ben gezond betrokken bij mijn werkzaamheden (taken); d.w.z. ik ben niet overmatig betrokken maar ook niet te weinig.

  4. Ik ben gezond betrokken bij de organisatie waar ik werk, maar niet overmatig. (NB: Overmatige betrokkenheid bij de organisatie uit zich bijvoorbeeld in veel vrije tijd steken in activiteiten waarvoor u zich inzet op uw werk, bijvoorbeeld een ondernemingsraad. Maar het kan ook gaan om het organiseren van evenementen, waar u geen werktijd voor terug krijgt (of wel krijgt maar niet vraagt). Er is sprake van te weinig betrokkenheid bij uw organisatie als u zich over het algemeen nauwelijks op de hoogte stelt van de ontwikkelingen, die er in uw organisatie gaande zijn).

  5. Ik zie duidelijk het nut in van mijn werk.

  6. Ik vind, dat verandering een kern is van mijn werk. Dat wil zeggen, dat ik me flexibel opstel in nieuwe situaties.

  7. Over het algemeen ben ik zo prestatiegericht, dat ik daarmee eigenlijk regelmatig over de grenzen ga van mijn eigen kunnen.

  8. Ik heb bijna continu het gevoel onder tijdsdruk te staan, ook als dat objectief gezien wel meevalt.

  9. Ik ben competitief ingesteld, d.w.z. ik meet mijzelf steeds aan anderen.

  10. Een conflict op het werk ervaar ik pas als stressvol, als ik er zelf direct bij betrokken ben.


Stresstest: Coping - omgaan met stress      naar boven

Hoe u met een stressvolle situatie omgaat, wordt bepaald door twee factoren. Op de eerste plaats uw inschatting: is een situatie bedreigend of juist een uitdaging? Ten tweede: (als de situatie bedreigend is): beschikt u over de mogelijkheden (vaardigheden, middelen, steun, enz.) om iets aan die dreiging te doen? Oftewel: bent u in staat om adequaat om te gaan met stressvolle situaties?

Antwoordmogelijkheden: juist, onjuist

  1. Het komt regelmatig voor, dat ik thuis over het werk loop te piekeren.

  2. Iemand komt niet op een belangrijke werkbespreking. Je gedachten: hij vindt mijn werk waarschijnlijk niet belangrijk genoeg.

  3. Ik communiceer op mijn werk meestal op een assertieve manier, d.w.z.: in mijn verbaal en non-verbaal gedrag respecteer ik de grenzen van mezelf en van de ander.

  4. Over het algemeen accepteer ik bij stresspieken snel de ondersteuning van mijn directe collegas.

  5. Over het algemeen accepteer ik bij stresspieken snel de ondersteuning van mijn directe leidinggevende.

  6. Als er sprake is van langdurige tijdsdruk en ik heb het gevoel, het niet aan te kunnen, uit ik dat bij de betreffende.

  7. Als ik over twee dagen iets af moet hebben en er komt nog een nieuwe klus bij, die morgen af moet, maar net iets minder belangrijk is, zet ik alles in op de taak van overmorgen en probeer ik voor de opdracht van morgen iets anders te regelen (bijvoorbeeld delegeren, als dat kan).

  8. Als ik merk, dat de doelen, die ik mij gesteld heb in mijn taken voor de komende periode, niet realistisch zijn, zal ik proberen deze doelen bij te stellen.

  9. Bij stresspieken ben ik in eerste instantie geneigd de spanning te reduceren door meer te gaan roken en/of koffie drinken en/of een babbel te maken met mijn collegas. Voordat ik de feiten onder ogen zie, ben ik al een flinke tijd bezig de druk van de ketel te halen

  10. Als zich een situatie voordoet, die na pogingen en beraad onoplosbaar blijkt te zijn, leg ik me daar bij neer.


Biografische factoren    naar boven

bullet

fase loopbaan

bullet

alleenstaanden

bullet

geen kinderen

bullet

hoge opleiding

bullet

vrouwen

Hoge verwachtingen

Verborgen patronen:

bullet

parentificatie: zorg voor de ander met voorbijgaan aan eigen behoeften

bullet

narcistisch conflict: overdreven tegen een ander afzetten, contactprobleem

bullet

aangeleerde hulpeloosheid: ongezonde (passieve) coping

Sociale ondersteuning (collegas!)

Psychosociale stressfactoren : van ernstig (100) naar minder ernstig (36)

Dood van een partner 100
Echtscheiding 73
Scheiding van tafel en bed 65
Gevangenisstraf 63
Dood van naaste familie 63
Persoonlijke verwonding of ziekte 53
Huwelijk 50
Ontslag 47
Huwelijksverzoening 45
Pensioen 45
Verandering in gezondheid familielid 44
Zwangerschap 40
Seksuele problemen 39
Gezinsuitbreiding 39
Grote aanpassingen op het werk 39
Verandering in financile situatie 38
Dood van een goede vriend 37
Verandering van werk 36
Ruzies met huwelijkspartner 36


Werkgerelateerde aspecten     naar boven

In welke mate veroorzaakt je werk burnout?

Instructie: beoordeel hoe vaak iedere situatie je hindert in je werk. Gebruik een schaal van 1 tot 9 om de situaties te beoordelen, de score 1 betekent zeldzaam, score 9 constant. Tel de scores op voor een totaalscore.

Machteloosheid
1

Ik kan de problemen die mij worden toegewezen niet oplossen.
2 Ik zit klem in een baan zonder vooruitzichten.
3 Ik ben niet in staat beslissingen die mij benvloeden op te lossen.
4 Ik word misschien ontslagen en daar kan ik niets aan doen.
Inadequate informatie
5 De reikwijdte en de verantwoordelijkheden van mijn baan zijn mij niet duidelijk.
6 Ik heb niet de informatie die ik nodig heb om het goed te doen.
7 Mensen met wie ik werk begrijpen niet wat mijn rol in het geheel is.
8

Ik begrijp het doel van mijn werk niet.

  Conflict
9 Ik zit er middenin.
10

Ik moet aan conflicterende vragen tegemoet komen.

11 Ik ben het niet eens met mensen op het werk.
12 Ik moet procedures aan mijn laars lappen om het werk voor elkaar te krijgen
  Ondermijnende collegiale verhoudingen
13 Collegas ondermijnen me.
14 De leiding trekt sommige mensen voor.
15 Machtspolitiek hindert me in de uitoefening van mijn werk.
16 Mensen concurreren met elkaar in plaats van samen te werken.
Overbelasting
17 Mijn werk belast mij in mijn priv-leven.
18 Ik heb teveel te doen en te weinig tijd om het te doen.
19 Ik moet mijn werk mee naar huis nemen.
20 De hoeveelheid werk die ik heb oefent een negatieve invloed uit op de kwaliteit van mijn werk.
Verveling
21

Ik heb te weinig te doen.

22 Ik ben overgekwalificeerd voor het werk dat ik doe.
23 Mijn werk is niet uitdagend.
24 Het grootste gedeelte van mijn tijd besteed ik aan routinezaken.
Slechte feedback
25 Ik weet niet wat ik goed of fout doe.
26 Ik weet niet wat mijn baas vindt van mijn werk.
27 Ik krijg informatie te laat om ernaar te handelen.
28 Ik zie geen resultaten van mijn werk.
Straf
29 Mijn baas is kritisch.
30 Iemand anders strijkt met de eer van mijn werk.
31 Mijn werk wordt niet gewaardeerd.
32 Ik krijg de schuld van andermans fouten.
Vervreemding
33 Ik ben gesoleerd van de anderen.
34 Ik ben slechts een miniem radertje in de gehele organisatie.
35 Ik deel niet veel met mijn collegas.
36 Ik vermijd mensen te vertellen waar ik werk of wat ik doe.
Tweeslachtigheid
37 De regels veranderen continu.
38 Ik weet niet wat er van mij verwacht wordt.
39 Er is geen relatie tussen hoe ik werk en het succes van mijn werk.
40 Prioriteiten die ik moet stellen, zijn voor mij onduidelijk.
  Gebrek aan beloning
41 Mijn werk geeft geen voldoening.
42 Ik heb weinig echte successen.
43 Mijn carrireprognose is niet uitgekomen.
44 Ik krijg geen respect.
  Waardeconflict
45 Ik moet sjoemelen met mijn waarden.
46 Mensen keuren af wat ik doe.
47 Ik geloof niet in de instelling/organisatie.
48 Mijn hart ligt niet in mijn werk.
Totaal
  Je risico op burnout:
Score 48-168 Laag risico: neem preventieve actie.
169-312 Gemiddeld: ontwikkel een plan om probleemgebieden aan te pakken.
313-432 Hoog: correctieve actie is noodzakelijk.

(uit: Omgaan met burnout C. Karsten. Elmar 1999)

 

 

 

  1. Werksoort

  2. Werksfeer: interpersoonlijk contact

  3. Onduidelijkheid: rolconflict (verwachtingen), rolambiguteit (wijze van functie vervullen)

  4. Werkdruk: roloverlading kwalitatief kwantitatief

  5. Werkvooruitzichten

  6. Bazenstress

  7. Seksuele intimidatie

  8. Pesten

  9. Multiculturaliteit


Gevolgen stress/burnout     naar boven

Hormoonspiegels

Schade-herstel balans

Afweersysteem

Hersenweefsel

Stress heeft invloed op het lichaam, dat blijkt onder andere uit onderzoeken naar hart- en vaatziekten. Erfelijkheid is voor 50% de veroorzaker en voeding voor 5 tot 10%. Stress heeft ook invloed op het cholesterolgehalte.

Bij stress geven de hersenen een signaal af aan de bijnieren om adrenaline aan te maken. Adrenaline is een noodzakelijk hormoon. Het is het hormoon dat het lichaam voorbereidt op een bedreigende situatie. De brandstof reserves worden aangesproken, waardoor vetzuren in de bloedcirculatie worden opgenomen. De spieren worden opengezet, de hartslag gaat fors omhoog en het lichaam is gereed om te vechten of te vluchten. Vechten en vluchten doen we normaal gesproken sinds lange tijd niet meer. De vetzuren die als brandstof bedoeld waren, blijven dus in de bloedcirculatie zitten, met als gevolg een verhoging van het cholesterolgehalte. Uiteraard gebeurt dit niet als je n keer gestresst bent. Het lichaam kan veel hebben en zal zich na een tijd weer herstellen.

Het probleem begint echter met een voortdurende aanmaak van het stress en stofwisselingshormoon adrenaline. Bij langdurige overmatige stress gaat het lichaam o.a. ook cortisol aanmaken. Dit is een ander stresshormoon dat bedoeld is om de heftig werking van adrenaline af te remmen. Als het adrenalinesysteem namelijk de kans zou krijgen zijn gang te gaan zou het lichaam binnen de kortste keren alle reserves consumeren en het lichaam letterlijk kunnen bezwijken. Het schadelijke van chronische stress is dat het energievretende adrenalinesysteem, door een permanent verhoogd cortisol-niveau, chronisch wordt afgeremd. Dit kan grote schade aan het lichaam kunnen veroorzaken.

Bij burnout kan hierdoor het immuunsysteem aangetast worden.

Ook het hersendeel dat een belangrijke rol speelt bij stress, de hippocampus, is gevoelig voor cortisol. De hippocampus is onderdeel van het limbisch systeem, ook wel de emotionele hersenen genoemd en heeft een dubbelfunctie. De hippocampus speelt een rol in het geheugen in het algemeen, maar specifiek in het geheugen voor stress-situaties. Hierdoor herken je direct of een bepaalde situatie mogelijk bedreigend is en kun je snel beslissen wat je er aan kunt doen. Verder regelt de hippocampus dat er niet teveel of te weinig cortisolhormoon in het lichaam wordt aangemaakt. Dit gebeurt via het zogenaamde feedback-mechanisme. Zodra cortisol de hippocampus bereikt, gaat er een signaal naar de bijnieren dat de productie kan worden gestaakt. Als dit feedback-mechanisme voortdurend in actie moet komen (bij stress), raakt het ongevoelig voor die signalen. Het gevolg hiervan is dat het cortisolgehalte  in het bloed te hoog of te laag wordt. De hippocampus kan aangetast worden, waardoor soms iemand niet meer voor 100% zal herstellen.


Doorbreken burnout     naar boven

Therapieplan

Eerste stap

Waarnemen waarschuwingssignalen

bullet

Vragenlijst: Ben ik burnout?

bullet

Vragenlijst: In welke mate veroorzaakt je werk burnout?

Tweede stap

Interpretatie signalen burnout door therapeut en client

bullet

bijhouden stresslogboek

bullet

MMT-model invullen

Derde stap

Onderzoek persoonsgebonden factoren

bullet

Parentificatie

bullet

narcistische pantsering

bullet

aangeleerde hulpeloosheid

Onderzoek werkgerelateerde factoren

bullet

grootste knelpunt

bullet

disfunctioneren leidinggevende

bullet

werkdruk

Vierde stap

Opstellen persoonlijk actieplan

bullet

stellen doelen

bullet

hoe te bereiken

Vijfde stap

Evaluatie, eventueel eerdere stappen opnieuw beoordelen

Gefaseerde planning van individuele activiteiten     naar boven

Fase 1

bullet

Fysiek herstel, ongeveer 4 weken

bullet

Herstellen balans activiteit en herstel

bullet

Leefregels

bullet

Zelfregulering energie en motivatie

Fase 2

bullet

Activatie, vanaf 4 weken tot 12 weken, of bij aanhoudende depressieve klachten langer

bullet

Doelen revitalisering: welke inspanningen neem je je voor

bullet

Zelfregulering

Fase 3

bullet

Cognitieve training en start werkhervatting op arbeidstherapeutische basis, vanaf ongeveer 3 maanden

bullet

Uitbreiden activiteiten

bullet

Verbeteren zelfbeeld

bullet

Werkhervattingplan in overleg met personeelszaken en leidinggevende

Fase 4

bullet

Rentegratie vanaf ongeveer 4 maanden

Fase 5

bullet

Terugvalpreventie, vanaf ongeveer 5 maanden


Specifieke interventies voor preventie, herstel en rentegratie     

naar boven

Fysiek herstel (7)

Cirkel II

bullet

sporten/fitness

bullet

ontspanningsoefeningen

bullet

gezonde leefgewoontes

Veranderen werkattitude (1)

Cirkel II en III

bullet

vermijd overwerk en zorg, als je overwerkt, voor hersteltijd

bullet

neem noodmaatregelen

bullet

geef prioriteiten aan in je werk

Emotioneel herstel (2)

Cirkel I

bullet

elke dag iets leuks doen

bullet

houd een dagboek bij

bullet

houd een stresslogboek bij

bullet

train stressbestendigheid

Cognitieve training (4)

Cirkel I

bullet

vervang hulpeloze gedachten door helpende

bullet

RET

Imaginatie training (4/5)

Cirkel I en III

bullet

Zelfwaarderingoefeningen

bullet

Zelfinzicht door kernkwadrantenanalyse

Training sociale vaardigheden en assertiviteit (6)

Cirkel III

bullet

oefenen sociale vaardigheden

Tenslotte 10 tips om even bij te tanken      naar boven

  1. Nooit haasten
  2. Geen twee dingen tegelijk doen
  3. Hou alles kort
  4. Vertraag je tempo
  5. s Avonds opslomen
  6. Veel wandelen
  7. Sista houden
  8. Hou op met denken
  9. Leef alleen nog maar met je zintuigen
  10. Doe alleen dingen waar je zin in hebt

naar boven